Magnum opus

 

Het alchemistische proces wordt door verschillende alchemistische auteurs beschreven in meestal 3, 4, 7 of 12 fasen, waarbij de ruwe materie bewerkt wordt om als eindproduct de steen der wijzen op te leveren. Een invloedrijk werk was bijvoorbeeld George Ripley's The Compound of Alchemy uit 1591, waarin de 12 hoofdstukken de 12 fasen van het magnum opus ("het grote werk") als volgt beschrijven:

  1. Calcinatie ('Calcination'):reduceert een vast lichaam tot wit poeder

  2. Oplossing ('Solution'): de vaste materie wordt vloeibaar gemaakt door een krachtig 'solvent'; een terugkeer naar de prima materia

  3. Scheiding ('Separation'): de 4 elementen worden afgebroken en het spirituele mercurium (de anima) komt vrij

  4. Conjunctie ('Conjunction')'):ook het chemische huwelijk genoemd, waarbij de tegengestelden terug worden verenigd (Het chemisch huwelijk wordt vaak uitgebeeld als een coïtus tussen een naakte koning en koningin.)

  5. Verrotting ('Putrefaction'):zwartheid (nigredo) en verrotting als prelude tot het nieuwe leven

  6. Stolling ('Congelation'):de materie is getransmuteerd; de witte steen der alchemisten.

  7. Voeding ('Cibation'):een proces ter versterking, het 'voeden' van de hernieuwde materie

  8. Sublimatie ('Sublimation'):maakt het lichaam van de materie spiritueel. De volgende fasen beschrijven obscure processen met het doel de materie verder te 'veredelen'

  9. Fermentatie ('Fermentation')

  10. Verheffing ('Exaltation')

  11. Vermeerdering ('Multiplication')

  12. Projectie ('Projection'):als de tinctuur werkt, kan hiermee gewoon metaal omgevormd worden tot goud

Kleuren en het Grote Werk

 

Middeleeuwse alchemisten hechtten veel belang aan kleurveranderingen die optraden bij de verschillende processen van het Grote Werk en dus de voorbereiding van de Steen der Wijzen. Het was voor de alchemist belangrijk om bij zijn praktische transmutatieproces te beginnen met een materiaal dat niet door bepaalde eigenschappen kon worden geïdentificeerd, en om op deze prima materia zuivere kwaliteiten te prenten die geleidelijk zouden leiden naar perfectie. Dit 'eerste materiaal' werd vaak bereid door de vier gewone onedele metalen- lood, tin, koper en ijzer - samen te smelten. Dit resulteerde in de zwarte oppervlaktekleur, kenmerkend voor de eerste fase.

Het volgende proces, dat van wit worden, werd bereikt door de zwarte legering te verhitten met een beetje zilver, gevolgd door kwik (inclusief arseen en antimoon) of tin.

De derde stap was een vergeling, waarvoor kleine hoeveelheden goud en zwavelwater nodig waren. In een laatste proces werd violet, de hoogste kleur in deze chromatische hiërarchie, bereikt. Modern onderzoek heeft bevestigd dat deze kleur, soms vergezeld van een opvallende irisatie, kan worden geproduceerd op bepaalde legeringen die kleine hoeveelheden goud bevatten. De apotheose van kleur werd bereikt in de Steen der Wijzen, 'de alchemistische vorm van Aristoteles' entelechie, de uiteindelijke oorzaak die zichzelf kan reproduceren.

De geschriften van de middeleeuwse alchemie zijn doordrongen met beschrijvingen van bewerkingen die tot dergelijke reeksen van kleuren leiden. Gewoonlijk zijn de reeksen echter complexer dan de eenvoudige die hier zijn aangegeven, en zijn de processen versluierd in mystieke en allegorische taal.

 

(Deze en andere teksten publiceerde ik geheel of gedeeltelijk voordien op Wikipedia of Wikibooks onder mijn account J.G.G.) en vallen dus onder de Creative Commons licentie CC BY-SA.