Chrysopoeia

In alchemie betekent de term chrysopoeia "transmutatie in goud" (Grieks: khrusōn, goud, en poiēin, maken). Het wordt ook symbolisch gebruikt om te verwijzen naar de Steen der wijzen als voleinding van het 'Grote Werk'.

Het woord duikt op in een klein alchemistisch leerboek, de Chrysopoeia van Cleopatra, waarschijnlijk geschreven in de late hellenistische periode, hoewel het vooral in de middeleeuwen bekend werd. Het thema van het boek is in de eerste plaats "het Ene tot het Alles" (en to pan), een concept dat is gerelateerd aan Ouroboros en hermetische wijsheid. Stephanus Alexandrinus, een 7e-eeuwse Britse filosoof en astronoom, schreef De Chrysopoeia. Chrysopoeia is ook de naam van een gedicht van Giovanni Augurello uit 1515 .


De Ouroboros (uit het Griekse Οὐροβόρος "zelfconsumerend", letterlijk "staart-consumerend"), is afkomstig uit de iconografie van het oude Egypte. Het symbool beeldt een slang uit die in zijn eigen staart bijt en een gesloten cirkel vormt met zijn lichaam.

In de alchemistische symboliek is de Ouroboros het symbool van een op zichzelf staand en herhaald proces van verandering van materie. Het verwarmen, verdampen, koelen en condenseren van een vloeistof dient voor het verfijnen van de materie. In het proces wordt de in een cirkel besloten slang vaak vervangen door twee wezens die de mond en de staart verbinden.